Begrippenlijst Iconografie en Iconenschilderkunst

Gepubliceerd op 8 juli 2026 om 17:09

Deel 1 – A t/m H

A

Acheiropoieton – Een icoon die volgens de traditie niet door mensenhanden is gemaakt, maar op wonderbaarlijke wijze is ontstaan.

Akathistos – Een Byzantijnse lofhymne ter ere van Maria die vaak in iconografische cycli wordt uitgebeeld.

Akrivia – Het strikt volgen van de traditionele iconografische voorschriften bij het schilderen van een icoon.

Allegorie – Een voorstelling waarin personen, dieren of voorwerpen een symbolische betekenis vertegenwoordigen.

Anastasis – De iconografische voorstelling van Christus die afdaalt in het dodenrijk om Adam en Eva te bevrijden.

Annunciatie – De afbeelding van de boodschap van de aartsengel Gabriël aan Maria dat zij de moeder van Christus zal worden.

Apostel – Een van de twaalf leerlingen van Christus die in de iconografie herkenbaar is aan vaste attributen.

Assist – Dunne gouden lijnen op kleding of achtergronden die het goddelijke, ongeschapen licht symboliseren.

Attribuut – Een herkenbaar voorwerp waarmee een heilige of Bijbelse figuur kan worden geïdentificeerd.

Aureool – De lichtkrans rondom het hoofd van een heilige als teken van heiligheid.

Axion Estin  Ἄξιόν Ἐστιν (Áxion Estin)Достойно есть (Dostóino est')Een wonderdadig Athonitisch icoon dat verbonden is met de beroemde hymne "Het is waarlijk waardig".

Agiosoritissa Ἁγιοσορίτισσα (Hagiosorítissa)Агиосоритисса (Agiosoritissa)De Moeder Gods wordt zonder het Christuskind afgebeeld terwijl zij in gebed of voorspraak haar handen naar Christus uitstrekt.

Acheiropoietos Theotokos Ἀχειροποίητος Θεοτόκος (Acheiropoiētos Theotókos)Нерукотворная Богоматерь (Nerukotvórnaja Bogomater')Een zeldzaam type dat verwijst naar een niet door mensenhanden vervaardigde afbeelding van de Moeder Gods.

Akathist-icoon van de Moeder Gods Ἡ Θεοτόκος τοῦ Ἀκαθίστου (Theotókos tou Akathístou)Акафистная икона Божией Матери (Akafístnaja ikóna Bozhiej Materi)Dit icoon beeldt de Moeder Gods uit te midden van scènes uit de Akathist-hymne die haar lof bezingt.

Athonitissa Ἀθωνίτισσα (Athonítissa)Афонская Богоматерь (Afónskaja Bogomater')Een benaming voor iconen van de Moeder Gods die nauw verbonden zijn met de kloosters van de Heilige Berg Athos.

Anapeson Ἀναπεσών (Anapesón)Анопесон (Anopeson)Hoewel de nadruk op het rustende Christuskind ligt, verschijnt de Moeder Gods vaak naast Hem als teken van zijn menswording.

Arabissa Ἀραβίσσα (Arabíssa)Аравийская Богоматерь (Aravíjskaja Bogomater')Een minder bekend wondericoon dat zijn naam ontleent aan een Arabische of oosterse oorsprongstraditie.

Altijd durende bijstand van de Moeder Gods Παναγία τοῦ Ἀδιαλείπτου Βοηθείας (Panagía tou Adialeíptou Boētheías) of Παναγία Ἀειβοήθητος (Panagía Aeiboḗthētos)Икона Божией Матери «Неустанная Помощь» (Ikona Bozhiej Materi «Neustannaja Pomosjtsj») De Moeder Gods houdt het Christuskind vast terwijl de aartsengelen de werktuigen van zijn toekomstig lijden tonen; de icoon benadrukt haar voortdurende voorspraak en hulp voor alle gelovigen. Kretenzische icoon van de Moeder Gods van de Passie zeer verspreid in West Europa. 

Advocata (Voorspreekster)
Ἡ Παράκλησις (I Paráklisis) of Παναγία ἡ Παρακαλούσα (Panagía i Parakaloúsa)
Заступница (Zastupnitsa) of Ходатаица (Khodataitsa)
Maria wordt zonder het Christuskind afgebeeld en kijkt de gelovige recht aan terwijl zij bidt en voorspraak doet. De naam Advocata betekent "Voorspreekster" of "Pleitbezorgster" en benadrukt haar rol als bemiddelaarster tussen de mensheid en Christus. De oericoon verblijft in Rome en heeft met sterke aanwijzingen verwantschap met Lucas.

Verwant icoontype: Agiosoritissa
Ἁγιοσορίτισσα (Hagiosorítissa)
Агиосоритисса (Agiosoritissa)
Maria wordt zonder het Christuskind afgebeeld terwijl zij haar handen in gebed naar Christus uitstrekt. Dit icoontype legt sterk de nadruk op haar rol als voorspreekster voor de gelovigen en wordt vaak beschouwd als de oosterse tegenhanger van de Advocata.Opmerking: In de kunstgeschiedenis wordt Advocata vaak gebruikt voor een vroeg-Romeins Maria-icoon, terwijl de orthodoxe iconografische benaming meestal Agiosoritissa of Paraklesis is. Beide benadrukken Maria als voorspreekster en beschermster van de gelovigen.

Aglona is een erkende Maria-icoon uit Letland. (Onze-Lieve-Vrouw van Aglona) Παναγία τῆς Ἄγλωνας (Panagía tēs Áglōnas) (moderne Griekse benaming) Аглонская икона Божией Матери (Aglonskaja ikona Božiej Materi) Een wonderdadige icoon van de Moeder Gods die wordt vereerd in de Katholieke basiliek van Aglona in Letland. De icoon is een belangrijk bedevaartsoord voor katholieken en orthodoxen en staat bekend als een bron van genezing, bescherming en geestelijke troost. Opmerking: Anders dan iconografische typen zoals Agiosoritissa, Hodegetria of Eleousa is Aglona een plaatsgebonden wondericoon. De naam verwijst dus naar de plaats waar de icoon wordt vereerd, niet naar een specifiek iconografisch type.

 
B

Basma – Dun  metaal met decoratieve reliëfs gedreven of geciseleerd dat ter versiering op iconenrand wordt aangebracht.

Bladgoud – Zeer dun gewalst goud dat wordt gebruikt voor achtergronden, nimbussen en decoratieve details.

Bolus – Een fijne roodbruine kleilaag waarop bladgoud wordt aangebracht en gepolijst.

Byzantijnse canon – Het geheel van traditionele regels dat de vorm, kleuren en compositie van iconen bepaalt.

Byzantijnse kunst – De kunsttraditie van het Byzantijnse Rijk die de basis vormt van de orthodoxe iconografie.

Bogoljubskaja-icoon van de Moeder Gods Θεοτόκος Μπογκολιούμπσκαγια (Theotókos Bogkolioumbskaia)Боголюбская икона Божией Матери (Bogoljubskaja ikona Bozhiej Materi)Een Russisch wondericoon uit de 12e eeuw waarop de Moeder Gods verschijnt aan vorst Andrej Bogoljubski en biddend tot Christus is afgebeeld.

Balykinskaja-icoon van de Moeder Gods Θεοτόκος Μπαλικίνσκαγια (Theotókos Balikínskaia)Балыкинская икона Божией Матери (Balykinskaja ikona Bozhiej Materi)Een wonderdadig Russisch icoon dat bijzonder werd vereerd vanwege genezingen en bescherming tijdens epidemieën.

Barskaja-icoon van de Moeder Gods Θεοτόκος Μπάρσκαγια (Theotókos Barskaia)Барская икона Божией Матери (Barskaja ikona Bozhiej Materi)Een regionaal vereerd wondericoon uit Podolië dat bekendstaat als voorspreekster voor gelovigen in tijden van nood.

Belevskaja-icoon van de Moeder Gods Θεοτόκος Μπελιόβσκαγια (Theotókos Beljóvskaia)Белёвская икона Божией Матери (Beljovskaja ikona Bozhiej Materi)Een Russisch wondericoon dat vooral in de streek rond Belev werd vereerd als bron van troost en bescherming.

Bratskaja-icoon van de Moeder Gods Θεοτόκος Μπράτσκαγια (Theotókos Brátskaia)Братская икона Божией Матери (Bratskaja ikona Bozhiej Materi)Een icoon dat zijn naam ontleent aan het Broederklooster in Kyiv en bekend werd om talrijke wonderen.

Brailovskaja-icoon van de Moeder Gods Θεοτόκος Μπραΐλοβσκαγια (Theotókos Braïlovskaia)Браиловская икона Божией Матери (Brailovskaja ikona Bozhiej Materi)Een Oekraïens wondericoon dat eeuwenlang werd vereerd in het klooster van Brailov.

 

C

Canon – Een vast geheel van artistieke en theologische regels waaraan een icoon behoort te voldoen.

Chiton – Het lange onderkleed dat Christus en vele heiligen op iconen dragen.

Chrysografie – Het aanbrengen van fijne gouden lijnen ter accentuering van kleding en lichtpartijen.

Cinnaber – Een rood pigment op basis van kwiksulfide dat veel werd gebruikt in traditionele iconen.

Compositie – De doordachte ordening van alle beeldelementen binnen een icoon.

Czestochowa-icoon van de Moeder Gods Θεοτόκος Τσεστοχόβας (Theotókos Tsestochóvas)Ченстоховская икона Божией Матери (Chenstokhovskaja ikona Bozhiej Materi)Het beroemde icoon van Jasna Góra, ook bekend als de Zwarte Madonna, wordt vereerd als beschermster van Polen.

Cyprus-icoon van de Moeder Gods Παναγία Κυπριώτισσα (Panagía Kypriótissa)Кипрская икона Божией Матери (Kiprskaja ikona Bozhiej Materi)Een verzamelnaam voor wonderdadige iconen van de Moeder Gods afkomstig van Cyprus, die vooral bekendstaan om genezingen.

Cythera-icoon van de Moeder Gods Παναγία Μυρτιδιώτισσα (Panagía Myrtidiótissa)Миртидиотисса (Mirtidiotissa)Het wondericoon van Kythera werd volgens de overlevering gevonden tussen mirtestruiken en wordt beschouwd als beschermster van het eiland.

D

Deësis – Een iconografische voorstelling waarin Christus wordt geflankeerd door Maria en Johannes de Doper als voorspraak voor de mensheid.

Diptiek – Een tweeluik bestaande uit twee scharnierende panelen.

Dormitio – De voorstelling van de ontslaping van Maria volgens de oosterse christelijke traditie.

Don-icoon van de Moeder Gods Θεοτόκος τοῦ Ντον (Theotókos tou Don)Донская икона Божией Матери (Donskaja ikona Bozhiej Materi)Een van de beroemdste Russische wondericonen, traditioneel toegeschreven aan Theophanes de Griek en vereerd als beschermster van Rusland. Volgens de overlevering werd het icoon vóór de Slag op het Koelikovoveld (1380) aan grootvorst Dmitri Donskoj geschonken, waarna zijn overwinning werd toegeschreven aan de voorspraak van de Moeder Gods.

Dubenskaja-icoon van de Moeder Gods Θεοτόκος Ντουμπένσκαγια (Theotókos Doutbénskaia)Дубенская икона Божией Матери (Dubenskaja ikona Bozhiej Materi)Een regionaal wondericoon uit Dubno dat bijzonder werd aangeroepen voor bescherming van stad en land.

Divnogorskaja-icoon van de Moeder Gods Θεοτόκος Ντιβνογκόρσκαγια (Theotókos Divnogórskaia)Дивногорская икона Божией Матери (Divnogorskaja ikona Bozhiej Materi)Een vereerd icoon uit het klooster van Divnogorsk dat bekendstaat om wonderen en genezingen.

Damaskiní Δαμασκηνή (Damaskiní)Дамаскинская Богоматерь (Damaskinskaja Bogomater')Een zeldzame benaming voor iconen van de Moeder Gods die verbonden zijn met Damascus of de Syrische christelijke traditie. De naam herinnert aan de bloeiende christelijke gemeenschap van Damascus en aan de verering van de Moeder Gods die daar, ondanks perioden van vervolging en politieke veranderingen, eeuwenlang levend bleef.

E

Eitempera – Traditionele verf waarbij pigment wordt gemengd met eigeel als bindmiddel.

Enkaustiek – Een oude schildertechniek waarbij pigment wordt vermengd met verwarmde bijenwas.

Epistylion – De rij iconen boven de Koninklijke Deuren op een iconostase.

Evangelist – De schrijver van een van de vier evangeliën die volgens vaste iconografische kenmerken wordt afgebeeld.

Eleousa Ἐλεούσα (Eleoúsa)Елеуса (Jeleoesa) of Умиление (Umilenie)De Moeder Gods drukt haar wang teder tegen die van het Christuskind als teken van haar liefde en medelijden met de mensheid.

EpiskepisΠαναγία Ἐπισκέψις (Panagía Episképsis)Богоматерь «Посещение» (Bogomater' «Posesjtsjenije»)De Moeder Gods wordt vereerd als beschermster die haar volk bezoekt, troost en onder haar bescherming neemt.

Episkeptria Ἐπισκέπτρια (Episképtria)Епискептрия (Episkeptrija)Een Byzantijnse benaming van Maria als de 'Bezoekster' of 'Beschermster', vooral bekend van iconen uit Cyprus en Kreta.

Eleimonitria Ἐλεημονήτρια (Eleēmonḗtria)Милостивая (Milostivaja)Maria wordt afgebeeld als de Barmhartige, die haar genade en voorspraak schenkt aan allen die haar aanroepen.

Evangelistria Παναγία Εὐαγγελίστρια (Panagía Evangelístria)Благовещенская икона Божией Матери (Blagovesjtsjenskaja ikona Bozhiej Materi)Een icoon die de Moeder Gods voorstelt tijdens de Aankondiging door de aartsengel Gabriël en haar gehoorzame instemming met Gods wil benadrukt.

F

Feesticoon – Een icoon waarop een van de twaalf grote kerkelijke feesten wordt afgebeeld.

Florale ornamentiek – Decoratieve plantenmotieven die voorkomen op randen, lijsten en metalen bekledingen van iconen.

Frontale voorstelling – Een figuur die recht naar de beschouwer is gericht om een directe geestelijke ontmoeting te bevorderen.

Faneromeni Παναγία Φανερωμένη (Panagía Phanerōménē)Фанеромени (Faneromeni) De 'Geopenbaarde' Moeder Gods verwijst naar een wonderbaarlijk verschenen icoon dat op verschillende Griekse eilanden en in Cyprus wordt vereerd.

Faneromene Φανερωμένη (Phanerōménē) Явленная Богоматерь (Javlennaja Bogomater' )Maria wordt vereerd als degene die zich op wonderbare wijze aan de gelovigen heeft geopenbaard.

Fovera Prostasia Παναγία Φοβερά Προστασία (Panagía Phoverá Prostasia) Богоматерь «Грозная Защита» (Bogomater' «Groznaja Zasjtsjita»)De Moeder Gods wordt afgebeeld als de machtige beschermster die haar volk verdedigt tegen zichtbare en onzichtbare gevaren.Filermos-icoon van de Moeder Gods

G

Gesso – Een witte grondlaag van krijt en lijm die als schilderoppervlak dient.

Glacis – Een dunne transparante verflaag waarmee kleur en licht geleidelijk worden opgebouwd.

Glorie – De stralende lichtweergave rondom Christus of heiligen als teken van hun hemelse heerlijkheid.

Gouden achtergrond – Een volledig met bladgoud bedekte achtergrond die de eeuwigheid en de hemel symboliseert.

Galaktotrophousa Γαλακτοτροφοῦσα (Galaktotrophoúsa) Млекопитательница (Mlekopitatelnitsa)De Moeder Gods geeft het Christuskind de borst en beeldt zo de werkelijke menswording en haar moederlijke zorg uit.

Glykophilousa Γλυκοφιλούσα (Glykophiloúsa)Сладкое Лобзание (Sladkoje Lobzanije) Maria en het Christuskind omhelzen elkaar teder, als symbool van goddelijke liefde en innige verbondenheid.

Gerontissa Γερόντισσα (Geróntissa) Герондисса (Gerondissa) De 'Oudste' of 'Moeder der Ouderen' is een beroemd Athonitisch wondericoon dat bijzonder wordt aangeroepen voor geestelijke wijsheid en bij ziekte.

GorgoepikoosΓοργοεπήκοος (Gorgoepḗkoos) Скоропослушница (Skoroposlusjnitsa)De 'Snelhorende' Moeder Gods staat bekend om haar snelle verhoring van de gebeden van gelovigen.

Grushevskaja-icoon van de Moeder Gods Θεοτόκος Γκρουσέβσκαγια (Theotókos Gkrousévskaja) Грушевская икона Божией Матери (Grushevskaja ikona Bozhiej Materi)Een Oekraïens wondericoon dat volgens de overlevering meermaals op wonderbare wijze aan gelovigen verscheen.

Gruzinskaja-icoon van de Moeder Gods Γεωργιανὴ Θεοτόκος (Geōrgianḕ Theotókos) Грузинская икона Божией Матери (Gruzinskaja ikona Bozhiej Materi)De 'Georgische Moeder Gods' is een geliefd Russisch wondericoon dat zijn oorsprong verbindt met Georgië en bekendstaat om vele genezingen. In de omgeving Eindhoven bestaat een  Koor dat deze naam draagt en  de Gemeenschap van de Moeder Gods Gruzinskaja vormt. Ze zijn vernoemd naar een antieke icoon die de beschermicoon van het Koor vormt. Deze icoon is zo'n 10 jaar geleden gerestaureerd door Atelier Hüsstege.

H

Halo – De cirkelvormige lichtkrans rond het hoofd van Christus, Maria en de heiligen.

Heiligenattribuut – Het voorwerp waaraan een specifieke heilige onmiddellijk herkenbaar is.

Hematiet – Een mineraal dat soms werd gebruikt om poliment of pigment voor iconen te bereiden.

Hodegetria – Een type Maria-icoon waarop Maria met haar rechterhand naar Christus wijst als de weg tot het heil.

Houten paneel – De traditionele drager waarop een icoon wordt opgebouwd uit verschillende lagen.

Iconografisch handboek – Een verzameling voorschriften en voorbeeldafbeeldingen die iconenschilders gebruiken bij hun werk.

Hodegetria Ὁδηγήτρια (Hodēgḗtria)Одигитрия (Odigitria)De Moeder Gods draagt het Christuskind op haar arm en wijst met haar vrije hand naar Hem als de Weg, de Waarheid en het Leven.

Hagiosoritissa Ἁγιοσορίτισσα (Hagiosorítissa) Агиосоритисса (Agiosoritissa) Maria wordt zonder het Christuskind afgebeeld terwijl zij in biddende voorspraak tot Christus is gewend.

Hyperagia TheotokosὙπεραγία Θεοτόκος (Hyperagía Theotókos)  Пресвятая Богородица (Presvjataja Bogoroditsa) De 'Allerheiligste Moeder Gods' is een veelgebruikte titel die op talloze iconen voorkomt en haar unieke heiligheid benadrukt.

Hypsēloterā  Ὑψηλοτέρα (Hypsēlotéra) Превысшая (Prevyssjaja)De Moeder Gods wordt verheerlijkt als 'de Verhevenste', hoger geëerd dan de engelen omdat zij de Zoon van God heeft gebaard.

Deel 2 – I t/m P

I

Iconoclasme – De periode van beeldenstrijd (726–843) waarin iconen werden verboden en op grote schaal werden vernietigd.

Iconoclast – Een tegenstander van iconen die het gebruik en de verering ervan afwees.

Iconodule – Een verdediger van de verering van iconen die onderscheid maakt tussen verering (proskynesis) en aanbidding (latreia).

Iconograaf – Een kunstenaar die volgens de orthodoxe traditie iconen schrijft of schildert.

Iconografie – De studie van de inhoud, symboliek en herkenning van voorstellingen in de beeldende kunst.

Iconologie – De studie van de diepere betekenis en culturele context van iconografische voorstellingen.

Iconometrie – Het systeem van vaste maatverhoudingen dat wordt gebruikt bij het opbouwen van iconen.

Iconostase – De met iconen gevulde scheidingswand tussen het schip en het heiligdom van een orthodoxe kerk.

Iconostasion – De Griekse benaming voor de iconostase.

Inscriptie – Een opschrift op een icoon met de naam van een heilige, Bijbelse tekst of afkorting.

Iviron-icoon van de Moeder Gods Παναγία Πορταΐτισσα (Panagía Portaḯtissa) Иверская икона Божией Матери (Iverskaja ikona Bozhiej Materi) Het beroemde Athonitische wondericoon van het Iviron-klooster wordt vereerd als de beschermster van de Heilige Berg en de bewaakster van de kloosterpoort.

Iverskaja-icoon van de Moeder Gods Ἰβηρίτισσα (Ibērítissa) of Παναγία Πορταΐτισσα (Panagía Portaḯtissa) Иверская икона Божией Матери (Iverskaja ikona Bozhiej Materi)De Russische benaming van de Iviron-icoon, die in de orthodoxe wereld als een van de grootste wondericonen wordt vereerd.

Igumenissa Ἡγουμένη (Hēgouménē) of Παναγία Ἡγουμένη (Panagía Hēgouménē) Игумения (Igumenija)Maria wordt vereerd als de geestelijke abdis en beschermvrouwe van een klooster, vooral op de Heilige Berg Athos.

Ierousalēmitissa Ἱεροσολυμίτισσα (Hierosolymítissa)Иерусалимская икона Божией Матери (Ierusalimskaja ikona Bozhiej Materi)De 'Jeruzalemse Moeder Gods' is een oud wondericoon dat volgens de traditie teruggaat tot de eerste christelijke eeuwen.

Iljinskaja-icoon van de Moeder Gods Θεοτόκος Ιλίνσκαγια (Theotókos Ilínskaia) Ильинская икона Божией Матери (Iljinskaja ikona Bozhiej Materi) Een Oekraïens wondericoon dat vooral bekend werd door meldingen van genezingen en bescherming tijdens oorlogen en epidemieën.

J

Taalkundig hoort dit echter eigenlijk onder de I (Jeruzalem → Ierousalēm, Jaroslavl → Jaroslavl met Я in het Kerkslavisch). Daarom zijn er in traditionele Griekse en Slavische iconenlijsten geen zelfstandige vermeldingen onder de letter J.

Jeruzalem-icoon van de Moeder Gods Ἱεροσολυμίτισσα (Hierosolymítissa)Иерусалимская икона Божией Матери (Ierusalimskaja ikona Bozhiej Materi)Een oud wondericoon dat volgens de traditie oorspronkelijk in Jeruzalem werd vereerd en later grote bekendheid kreeg in Constantinopel en Rusland.

Jaroslavl-icoon van de Moeder Gods Θεοτόκος Γιαροσλάβλ (Theotókos Jaroslavl)Ярославская икона Божией Матери (Jaroslavskaja ikona Bozhiej Materi)Een Russisch wondericoon dat sinds de dertiende eeuw wordt vereerd.

K

Kalivka – Een traditionele, fijne penseeltechniek voor het nauwkeurig uitwerken van details.

Kanon – Het geheel van kerkelijke voorschriften dat de juiste voorstelling van heilige personen en gebeurtenissen bepaalt.

Keurmerk van de meester – Het persoonlijke signatuur of ateliermerk dat soms onopvallend op een icoon voorkomt.

Khorugv – Een processievaandel met een icoon dat tijdens orthodoxe liturgieën wordt meegedragen.

Kovtsjeg – De verdiept uitgeholde spiegel in een iconenpaneel waarin de afbeelding wordt geschilderd.

Krasni Oegal – De 'mooie' of 'rode hoek' in een orthodox huis waar de belangrijkste iconen worden opgesteld.

Kyot – Een beschermende houten of glazen kast waarin een icoon wordt geplaatst.

Kazan-icoon van de Moeder Gods
Παναγία τοῦ Καζάν (Panagía tou Kazán)
Казанская икона Божией Матери (Kazanskaja ikona Božiej Materi)
Een van de meest vereerde Russische Maria-iconen. De icoon wordt beschouwd als beschermster van Rusland en staat bekend om haar wonderen en voorspraak in tijden van oorlog en nood.

Kykkotissa (Moeder Gods van Kykkos)
Παναγία ἡ Κυκκώτισσα (Panagía i Kykkótissa)
Киккская (Kikkskaja)
Een beroemde Cypriotische Maria-icoon die volgens de traditie door de evangelist Lucas is geschilderd. De icoon wordt vereerd om haar vele wonderen en wordt bewaard in het Kykkos-klooster op Cyprus.

Kardiotissa
Παναγία Καρδιώτισσα (Panagía Kardiṓtissa)
Кардиотисса (Kardiotissa)
De naam betekent "Moeder Gods van het Hart". Maria wordt liefdevol met het Christuskind afgebeeld, waarbij de nadruk ligt op haar moederlijke liefde, tederheid en mededogen.

Kikkiotissa (alternatieve benaming van Kykkotissa)
Παναγία Κυκκιώτισσα (Panagía Kykkiṓtissa)
Киккская (Kikkskaja)
Een alternatieve Griekse benaming voor de Kykkos-icoon, verwijzend naar dezelfde wonderdadige afbeelding die in het Kykkos-klooster wordt vereerd.

Keramidiotissa
Παναγία Κεραμιδιώτισσα (Panagía Keramidiṓtissa)
Керамидиотисса (Keramidiotissa)
Een lokale Griekse icoontitel die verwijst naar een kerk of plaats die aan Maria is gewijd. De icoon wordt vereerd als beschermster van de gelovigen en van de plaatselijke gemeenschap.

L

Latreia – De aanbidding die volgens de orthodoxe leer uitsluitend aan God toekomt.

Levkas – De traditionele witte krijt- en lijmgrond waarop een icoon wordt geschilderd.

Litsjevoje pis'mo – Het schilderen van gezichten en handen, beschouwd als het meest verfijnde onderdeel van een icoon.

Luzga – Een fijne penseelstreek waarmee lichte accenten in gelaat en kleding worden aangebracht.

Lactans (Galaktotrophousa / Maria de Voedende)
Γαλακτοτροφοῦσα (Galaktotrophoúsa)
Млекопитательница (Mlekopitatelnitsa)
Maria wordt afgebeeld terwijl zij het Christuskind de borst geeft. De icoon benadrukt de werkelijke menswording van Christus en de tedere, moederlijke zorg van de Moeder Gods.

Lydda-icoon van de Moeder Gods (Panagia van Lydda / Romeinse icoon)
Παναγία Λύδδας (Panagía Lýddas)
Лиддская икона Божией Матери (Liddskaja ikona Božiej Materi)
Volgens de overlevering ontstond deze wonderdadige icoon op wonderbaarlijke wijze in Lydda (het huidige Lod, Israël). Zij wordt beschouwd als een van de oudste afbeeldingen van de Moeder Gods en geniet grote verering in de orthodoxe Kerk.

Lampsakou (Moeder Gods van Lampsakos)
Παναγία Λαμψάκου (Panagía Lampsákou)
Лампсакская икона Божией Матери (Lampsakskaja ikona Božiej Materi)
Een plaatsgebonden Maria-icoon afkomstig uit Lampsakos in Klein-Azië. Zij wordt vereerd als beschermster van de gelovigen en is vooral bekend binnen de Griekse orthodoxe traditie.

M

Mandorla – Een amandelvormige lichtkrans rondom Christus of andere hemelse figuren.

Menologion – Een verzameling iconen of teksten die volgens de kerkelijke kalender zijn geordend.

Miniatuuricoon – Een kleine draagbare icoon voor persoonlijk gebruik of op reis. In de webshop van Atelier Hüsstege vindt u er hier tal van, zeer geliefd bij jongeren, als communiegeschenk cadeautje voor het vormsel of als relatiegeschenk bij jubilea.  

Molybdaat – Een historisch pigment dat incidenteel in de iconenschilderkunst werd toegepast.  

Monnikenschilder – Een monnik die iconen vervaardigt als onderdeel van zijn geestelijke roeping.

Megalóchari (De Algenadige) Μεγαλόχαρη (Megalóchari) Мегалохари (Megalokhari)
Een eretitel van de Moeder Gods, vooral verbonden met de wonderdadige icoon op Tinos. De naam betekent "de Algenadige" en benadrukt Maria als bron van genade en troost voor de gelovigen.

Myrtiotissa
Παναγία Μυρτιδιώτισσα (Panagía Myrtidiótissa) Миртидиотисса (Mirtidiotissa)
Een wonderdadige icoon van Maria, verbonden met het Griekse eiland Kythira. Volgens de traditie werd de icoon gevonden in een mirtestruik, waaraan zij haar naam ontleent.

Mesopanditissa Παναγία Μεσοπαντίτισσα (Panagía Mesopandítissa) Месопандитисса (Mesopanditissa)
De naam betekent "Middelaarster". Maria wordt vereerd als voorspreekster die verzoening en vrede brengt tussen God en de mensen.

Megalospilaiotissa Παναγία Μεγαλοσπηλαιώτισσα (Panagía Megalospilaiṓtissa) Мегалоспилеотисса (Megalospileotissa)
Een beroemde wonderdadige icoon uit het Mega Spilaion-klooster in Griekenland. Volgens de overlevering werd zij vervaardigd door de evangelist Lucas en staat zij bekend om haar vele wonderen.

Mlekopitatelnitsa (Voedende Moeder Gods) Γαλακτοτροφοῦσα (Galaktotrophoúsa) Млекопитательница (Mlekopitatelnitsa)
Maria wordt afgebeeld terwijl zij het Christuskind voedt. De icoon benadrukt zowel de ware menswording van Christus als Maria's liefdevolle moederschap.

N

Nikopeia Νικοποιός (Nikopoios)Никопея (Nikopeja)“Zij die de overwinning brengt”; Maria houdt Christus voor zich en toont Hem als de ware Koning en Overwinnaar.

Neopalimaja Kupina (Onverbrandbare Braamstruik )Ἡ Ἀκατάφλεκτος Βάτος (I Akatáflektos Vátos) Неопалимая Купина (Neopalimaja Kupina)Maria wordt vergeleken met de braamstruik van Mozes die brandde maar niet verteerde; symbool van haar maagdelijke moederschap.

Noodlijdende Moeder Gods / Moeder Gods van Smarten Παναγία ἡ Θλιβομένη (Panagia i Thlivoméni)Богоматерь Скорбящая (Bogomater’ Skorbyashchaya)Een icoon waarin Maria’s verdriet om het lijden van Christus centraal staat; zij deelt in Zijn smarten.

O

Oklad – Een rijk versierde metalen bekleding die grote delen van een icoon afdekt, terwijl contouren van personen zichtbaar blijven.

Oker – Een natuurlijk aardpigment in gele, rode of bruine tinten dat veel in iconen wordt gebruikt.

Omoforion – De brede schouderband van een orthodoxe bisschop die op bisschopsiconen wordt afgebeeld.

Omgekeerd perspectief – Een perspectiefsysteem waarbij de lijnen zich optisch naar de beschouwer openen in plaats van naar een verdwijnpunt toe te lopen.

Orans – Een biddende houding met opgeheven handen die symbool staat voor voorbede.

Oranta – Een iconografisch type van Maria in de houding van de Orans.

Orthodoxe canon – De verzameling artistieke en theologische regels waaraan een orthodoxe icoon voldoet.

De belangrijkste Maria-iconen met de letter O:

Odigitria (Hodegetria – Zij die de Weg wijst)
Ὁδηγήτρια (Hodēgḗtria)
Одигитрия (Odigitrija)
Maria draagt het Christuskind op haar arm en wijst met haar vrije hand naar Hem als de Weg, de Waarheid en het Leven. Dit is een van de oudste en belangrijkste iconografische typen van de Moeder Gods.

Oranta (Biddende Moeder Gods)
Ὀράντα (Oránta) of Πλατυτέρα τῶν Οὐρανῶν (Platytéra tōn Ouranōn)
Оранта (Oranta)
Maria wordt zonder het Christuskind afgebeeld met opgeheven handen in gebed. Zij verbeeldt de Kerk die voortdurend voor de wereld bidt en voorspraak doet.

Our Lady of Ostrobrama (Moeder Gods van de Dageraadpoort)
Παναγία τῆς Πύλης τῆς Αὐγῆς (Panagía tēs Pýlēs tēs Avgḗs)
Остробрамская икона Божией Матери (Ostrobramskaja ikona Božiej Materi)
Een beroemde wonderdadige icoon uit Vilnius (Litouwen), vereerd door zowel katholieken als orthodoxen. Maria wordt zonder het Christuskind afgebeeld met gekruiste handen als teken van nederigheid en overgave aan Gods wil.

 

De belangrijkste Maria-iconen met de letter O

P

Paleta – Het geheel van pigmenten en kleuren dat een iconenschilder tijdens het werk gebruikt.

Paneel – De houten drager waarop alle lagen van een traditionele icoon worden opgebouwd.

Pantocrator – De voorstelling van Christus als almachtige heerser over hemel en aarde.

Pavoloka – Het linnen doek dat met lijm op het houten paneel wordt bevestigd om scheurvorming te voorkomen.

Pigment – Een fijngemalen kleurstof die met een bindmiddel wordt vermengd tot verf.

Podlinnik – Een handboek met voorbeeldafbeeldingen en voorschriften voor het schilderen van iconen.

Poliment – Een uiterst gladde boluslaag waarop bladgoud wordt aangebracht en hoogglanzend wordt gepolijst.

Proplasmos – De donkere grondkleur waarmee gezichten en handen worden opgezet voordat de lichtere partijen worden aangebracht.

Proskynesis – De eerbiedige verering van een icoon, onderscheiden van de aanbidding die alleen God toekomt.

Provenance – De gedocumenteerde herkomst en eigendomsgeschiedenis van een icoon.

De belangrijkste Maria-iconen met de letter P:

Panagia (Allerheiligste Moeder Gods)
Παναγία (Panagía)
Панагия (Panagija)
De meest voorkomende Griekse eretitel van Maria, die "de Allerheiligste" betekent. De naam wordt gebruikt voor talloze iconen en kerken die aan de Moeder Gods zijn gewijd.

Pantanassa (Koningin van Allen)
Παντάνασσα (Pantánassa)
Пантанасса (Pantanassa)
Maria wordt afgebeeld als de Koningin van hemel en aarde, gezeten op een troon met het Christuskind. Deze wonderdadige icoon van het Vatopedi-klooster op de Athos staat vooral bekend om gebeden voor genezing, met name van kanker.

Paraklesis (Voorspreekster)
Παράκλησις (Paráklisis)
Параклисис (Paraklisis)
Maria wordt zonder het Christuskind afgebeeld terwijl zij in gebed voor de mensheid voorspraak doet bij Christus. De icoon benadrukt haar rol als voorspreekster en trooster.

Pelagonitissa
Πελαγονίτισσα (Pelagonítissa)
Пелагонитисса (Pelagonitissa)
Een bijzondere variant van de Eleousa waarin het Christuskind zich speels en levendig naar zijn moeder wendt. De icoon benadrukt zowel de menselijke als de goddelijke natuur van Christus.

Platytera ton Ouranon (Ruimer dan de Hemelen)
Πλατυτέρα τῶν Οὐρανῶν (Platytéra tōn Ouranōn)
Платитера Небес (Platitera Nebes)
Maria wordt frontaal afgebeeld met opgeheven handen in gebed en het Christuskind in een medaillon op haar borst. Zij wordt "Ruimer dan de Hemelen" genoemd omdat zij de oneindige God in haar schoot heeft gedragen.

Portaitissa (Bewaarster van de Poort)
Πορταΐτισσα (Portaḯtissa)
Портаитисса (Portaitissa)
Een beroemde wonderdadige icoon van het Iviron-klooster op de Athos. Volgens de traditie dreef de icoon over zee en koos zij zelf haar plaats bij de kloosterpoort, waar zij sindsdien als beschermster wordt vereerd.

Q

De belangrijkste Maria-iconen met de letter Q:

Qozhaya / Kozhaya (Onze-Lieve-Vrouw van Qozhaya) – een plaatsgebonden Maria-icoon uit Libanon. De naam wordt ook geschreven als Kozhaya of Qozhaya, afhankelijk van de transcriptie van het Arabisch.

R

De belangrijkste Maria-iconen met de letter R:

Riza – Een metalen bekleding van een icoon waarbij alleen de geschilderde gezichten en handen zichtbaar blijven; de term wordt vaak als verward met oklad.

Roskrisj – De schilderfase waarin de eerste lichte kleurvlakken over de donkere onderschildering worden aangebracht.

Rospis – Monumentale kerkbeschildering volgens de traditie van de orthodoxe iconografie.

Restauratie – Het conserveren en herstellen van een icoon met respect voor de oorspronkelijke materialen en technieken.

Retouche – Het plaatselijk bijwerken van beschadigde verf zonder het oorspronkelijke schilderwerk te vervangen.

Rachiotissa
Παναγία Ραχειώτισσα (Panagía Racheiótissa)
Рахиотисса (Rakhiotissa)
Een plaatsgebonden wondericoon van de Moeder Gods uit Griekenland. Maria wordt vereerd als beschermster van de plaatselijke gemeenschap en als voorspreekster voor de gelovigen.

Rosea / Rozen-Moeder Gods
Παναγία τοῦ Ρόδου (Panagía tou Ródou)
Розовая Богоматерь (Rozovaja Bogomater')
Een zeldzame plaatselijke benaming die Maria verbindt met de roos als symbool van haar zuiverheid, schoonheid en geestelijke vruchtbaarheid.

Ruthenische Moeder Gods
Богоматерь Русинская (Bogomater' Rusinskaja)
(Geen vaste Griekse titel; regionaal Slavisch gebruik.)
Een verzamelnaam voor wonderdadige Maria-iconen die worden vereerd binnen de Ruthenische (Roetheense uit de streek van Polen en west-Oekraine) traditie van Oost-Europa.

S

Sankir – De donkere groenbruine onderschildering van het gezicht waarop de huidskleuren in meerdere lagen worden opgebouwd.

Schrijfwijze van een icoon – De traditionele opvatting dat een icoon wordt 'geschreven' omdat zij een visuele verkondiging van het Evangelie is.

Sgrafitto – Een decoratieve techniek waarbij door een bovenste verflaag wordt gekrast om een onderliggende laag zichtbaar te maken.

Srednik – Het centrale beeldvlak van een icoon waarin de hoofdvoorstelling is afgebeeld.

Staurotheek – Een reliekschrijn waarin een fragment van het kruis van Christus wordt bewaard.

Styliet – Een ascetische heilige die jarenlang op een zuil leefde en daarom op iconen op een zuil wordt afgebeeld.

Symbolisch perspectief – Een beeldopbouw waarbij geestelijke betekenis belangrijker is dan natuurgetrouwe ruimtewerking.

De belangrijkste Maria-iconen met de letter S:

Skoroposlushnitsa (Zij die Snel Verhoort)
Παναγία Γοργοεπήκοος (Panagía Gorgoepḗkoos)
Скоропослушница (Skoroposlushnitsa)
Een wonderdadige Athonitische icoon van de Moeder Gods die bekendstaat om haar snelle verhoring van gebeden. Zij wordt vooral aangeroepen in tijden van nood, ziekte en gevaar.

T

Tempera – Een schildertechniek waarbij pigmenten worden gemengd met een bindmiddel, meestal eigeel.

Theofanie – De verschijning van God aan de mensen, in de iconografie vooral gebruikt voor de Doop van Christus.

Theotokos – De Griekse titel van Maria als 'Godsbarende', officieel bevestigd op het Concilie van Efeze in 431.

Triptiek – Een uit drie panelen bestaand altaarstuk of draagbaar icoon.

Tsjotki – Het orthodoxe gebedssnoer dat soms op iconen van monniken en asceten voorkomt.

 

De belangrijkste Maria-iconen met de letter T:

Tederheid (Eleousa)Ἐλεούσα (Eleoúsa)
Умиление (Umilenie)
Maria en het Christuskind drukken hun wangen liefdevol tegen elkaar. De icoon verbeeldt de tedere liefde tussen Moeder en Zoon en Gods barmhartigheid voor de mens.

Troosteres
Παναγία Παραμυθία (Panagía Paramythía)
Утешительница (Utesjitelnitsa)
Maria wordt afgebeeld als de troost en bescherming van de gelovigen. De wonderdadige icoon uit het Vatopedi-klooster op de Athos staat bekend om haar voorspraak en bescherming.

Driehandige Moeder Gods (Tricherousa)
Παναγία Τριχερούσα (Panagía Tricherousa)
Троеручица (Trojeroetsjitsa)
Maria wordt afgebeeld met een derde, zilveren hand die volgens de overlevering werd toegevoegd uit dankbaarheid voor de wonderbare genezing van de hand van de heilige Johannes Damascenus.

Tichvin-icoon van de Moeder Gods
Παναγία τοῦ Τιχβίν (Panagía tou Tichvín)
Тихвинская икона Божией Матери (Tichvinskaja ikona Božiej Materi)
Een van de beroemdste Russische wondericonen. Volgens de traditie werd zij door de evangelist Lucas geschilderd en beschermt zij kinderen, gezinnen en reizigers.

Moeder Gods van het Teken  (teken-icoon)
Παναγία τοῦ Σημείου (Panagía tou Sēmeíou)
Знамение (Znamenie)
Maria staat met opgeheven handen in gebed, terwijl Christus als Emmanuel in een medaillon op haar borst wordt afgebeeld. De icoon verwijst naar de profetie van Jesaja: "Zie, de maagd zal zwanger worden."

U

Ubrus – De doek waarop volgens de traditie het gelaat van Christus op wonderbaarlijke wijze werd afgedrukt; ook bekend als het Mandylion.

V

Vergulding – Het aanbrengen van bladgoud op een icoon volgens traditionele technieken.

Vernis – De beschermende afwerklaag die de verf beschermt tegen vuil, vocht en slijtage.

Vochrenije – De schilderfase waarin met okerkleuren warme lichttonen in huid en kleding worden opgebouwd.

Voorstellingstype – Een vast iconografisch model, zoals Hodegetria, Eleousa of Orans, dat door de traditie wordt voorgeschreven.

W

Waslaag – Een beschermende laag van natuurlijke bijenwas die bij sommige oude iconen werd aangebracht om de verf te conserveren.

Watervergulding – Een traditionele verguldingstechniek waarbij bladgoud op een vochtige polimentlaag wordt aangebracht en vervolgens hoogglanzend wordt gepolijst.

Werktekening – Een voorbereidende tekening op ware grootte die als sjabloon dient voor het overbrengen van een iconografische compositie op het paneel.

Werkspoor – Een zichtbaar kenmerk van het ambachtelijke proces, zoals penseelstreken, kraslijnen of afdrukken van gereedschap, dat inzicht geeft in de vervaardiging van een icoon.

Withoogsel – De laatste, helderste verflaag waarmee lichtaccenten op gezichten, handen en gewaden worden aangebracht om de geestelijke uitstraling te versterken.

Wonderdoende icoon – Een icoon die volgens de kerkelijke traditie bijzondere wonderen, genezingen of bescherming heeft gebracht en daarom een speciale plaats inneemt in de volksdevotie.

 

Z

Zevende Oecumenische Concilie – Het concilie van Nicea (787) dat de verering van iconen officieel bevestigde en theologisch onderbouwde.

Znamenie – Een Russisch type Maria-icoon waarop de biddende Moeder Gods wordt afgebeeld met Christus als Emmanuel in een medaillon op haar borst.

Zoomorf symbool – Een dierfiguur die een evangelist of een theologisch begrip symboliseert, zoals de adelaar van Johannes of de leeuw van Marcus.

De belangrijkste Maria-iconen met de letter Z:

Zeven Pijlen / Semistrelnaja
Παναγία Ἑπτάβελος (Panagía Heptábelos) (moderne Griekse benaming)
Семистрельная (Semistrelnaja)
Maria wordt afgebeeld met zeven pijlen of zwaarden die haar hart doorboren. De icoon symboliseert de smarten van de Moeder Gods en haar medelijden met de mensheid.

Zoete Kus
Γλυκοφιλούσα (Glykophiloúsa)
Сладкое Лобзание (Sladkoje Lobzanije)
Maria en het Christuskind drukken hun wangen liefdevol tegen elkaar. De icoon benadrukt de innige liefde tussen moeder en kind en Gods liefde voor de mens.

right atelier Hüsstege

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.